Sport, records en “doping”.

Nee nee, geen echte doping deze keer, maar prestatie verhogende stimulantia. Ik kom er straks op terug.

 

In 1979 reed de Spaanse langebaan schaatser Antonio Gomez Fernandez een persoonlijk en Spaans record op de 10.000 meter van 21.47 minuten! Ter vergelijking, datzelfde jaar werd het wereldrecord van 14.43 minuten gereden door Eric Heiden. 7 minuten sneller!

 

De best bezochte voetbalwedstrijd ooit was de WK finale van 1950, met 199.854 toeschouwers, in een stadion waar maar 183.000 zitplaatsen waren. Voetbal was toen ook al een hele grote sport.

In de eerste Ronde van Frankrijk waren 90 deelnemers actief, in 6 etappes, van gemiddeld 450 km, per dag welteverstaan. Op een fiets van rond de 20 kilo, met 2 reservebanden om je nek en een rugzak vol met broodjes en wijn!

Records ontstaan, maar worden vaak verbroken door tegenstanders die niet altijd beter zijn, maar betere middelen hebben. Gomez was natuurlijk geen echte schaatser, maar hij deed het toch maar, reed zelfs EK en WK wedstrijden. En was razend populair in de wereld. De ouderen onder ons weten dat vast nog wel.

Het ontbrak hem maar aan 1 ding, wat anderen wel hadden, geld. Met geld maak je een sporter beter, men kan betere trainers betalen, heeft betere trainingsapparatuur en men kan van de sport leven. Net een beter schaatspak, een betere en lichtere fiets of “snellere” schaatsen.

Een groot voordeel is tegenwoordig ook dat veel sporten indoor plaatsvinden, wat het makkelijker maakt omdat er geen tegenwind is, of andere weersomstandigheden. En dat alles wordt mogelijk gemaakt door geld, van sponsoren.

1 ding blijft echter altijd gelijk, inzet, plezier en doorzettingsvermogen. Gomez bezat ze allemaal, evenals de bikkels die de eerste Ronde van Frankrijk reden. Ook zonder geld kan je lol hebben in je sport, de populariteit komt dan vanzelf, records zijn maar voor weinigen weggelegd.

 

De schrijver

Aanvullende gegevens